Sep 22

Manga favoriet van Nele Noppe, medewerkster Japanse Studies K.U. Leuven
21 september 2009 in Trouw een artikel van Annemieke Vermeulen over Manga, Japanse strips. Nele Noppe, wetenschappelijk medewerkster bij de opleiding Japanse studies aan de Katholieke Universiteit Leuven over wat er zo interessant is aan Manga: “De helft van de studenten die zich in Leuven voor Japanse studies inschrijft, is geïnteresseerd geraakt door manga.” Ze vertelt dat in Japan 80% van de mensen strips leest en vergelijkt dat met de situatie hier. Hier worden Manga en strips in het algemeen vooral door jonge mensen gelezen. Er rust een ‘zwaar stigma’ op strips volgens Noppe, hier zien we strips als iets voor kinderen.
Noppe en ook striptekenares, freelance illustratrice en animatiestudente Aimée de Jongh en Thom Sauer van mangawinkel Mangamazing benadrukken dat Manga ook informatief en leerzaam kunnen zijn. “Sommige manga behandelen psychologisch en filosofische dilemma’s waar andere vooral humoristisch zijn” schrijft Trouw. De Jongh haalt ook aan dat de Japanse overheid rapporten uitbracht in de vorm van strips, “in de hoop dat ze dan wel zouden worden gelezen”.
Dat de Manga niet alleen in het verdomhoekje zit in Nederland kun je afleiden uit het feit dat Klokhuis er een dossier over heeft, nota bene onder het kopje ‘kunst’. Het Manga dossier van Klokhuis werd al door Okkie Bult gemaakt in februari/maart 2005. Een onderdeel van dit dossier van het educatieve NPS programma gaat expliciet in op de vooroordelen die men hier heeft over Manga: “Naast seks en geweld bestaan er nog meer vooroordelen over manga. Bijvoorbeeld dat alle mangafiguren grote ogen hebben en leven in een futuristische wereld vol monsters en technische snufjes.”
Ook is er op het moment in Nederland een heus managementboek in mangastijl te koop, De avonturen van Johny Bunko’ met de veelbelovende ondertitel ‘De enige carrièregids die je ooit nodig zult hebben’. De Nederlandse uitgave is te koop bij Managementboek en BOL, een recensie van deze strip voor managers is te lezen bij Boekcover. In het Engels is op het gebied van manga voor managers ook The Five Dysfunctions of a Team (manga edition) te koop van succesauteur Patrick Lencioni en manga-tekenaar Kensuke Okabayashi, ook hiervan een recensie op Boekcover.
Tagged with: serieuze strips • strips
Sep 18

Brochure Mijn kind op Hyves van o.a. Stichting Mijn Kind Online
Vandaag – op de vijfde verjaardag van Hyves – verscheen het onderzoek Krabbels & Respect plz? ;-) over Hyves en kinderen. Ruim duizend kinderen werden ondervraagd over hun Hyves gedrag en de betrokkenheid van ouders.
Het onderzoek is geïniteerd door stichting Mijn Kind Online en het samenwerkingsverband Digivaardig & Digibewust.
Uit het onderzoek blijkt dat de betrokkenheid van ouders bij jonge kinderen op Hyves groot is. Logischerwijze neemt die betrokkenheid af. Sociale netwerken nemen aan belang toe in de puberteit, ouders staan dan al meer op afstand, blijkt uit het onderzoek. Bij kinderen van acht jaar blijkt de betrokkenheid van ouders bijvoorbeeld uit het feit dat ouders in het Hyves-vriendennetwerk zijn opgenomen, een grote meerderheid van de kinderen tussen de acht en tien jaar vertellen delen hun wachtwoord met hun ouders en er wordt op die leeftijd bij de helft van de kinderen wekelijks over de Hyves activiteiten gepraat met de ouders. De meeste kinderen van die leeftijd schermen hun Hyves profiel ook af voor onbekenden.
Als kinderen zestien zijn is de betrokkenheid van ouders gering. Slechts één op de tien praat dan nog regelmatig met ouders over Hyves en de ervaringen aldaar. De vervelende ervaringen worden dus vaak niet besproken met de ouders. Ervaringen waar kinderen moeite mee hebben op Hyves zijn bijvoorbeeld:
- verwijderd worden uit iemands vriendenlijst (‘ontvrienden’)
- ruzie op Hyves (1 op de 8 kinderen in het onderzoek maken dat mee)
- een vervelende krabbel krijgen op Hyves (en 1 op de 5)
Vooral de 13- tot 15-jarigen hebben emotioneel last van de negatieve ervaringen met het populaire vriendennetwerk Hyves.
Het onderzoek is de moeite van het lezen waar en er zijn ook brochures voor ouders van jonge kinderen tot 12 jaar en ouders van pubers. Alle verwijzingen zijn te vinden in dit artikel over het Hyves en kinderen onderzoek op de website van Stichting Mijn Kind Online.
Tagged with: mediaopvoeding • mediawijsheid • onderzoek
Sep 07
In de New York Times en op de website een artikel over technologie voor jonge en oudere mensen. In het artikel komen robotprojecten van Philips en Aldebaran ter sprake. Het gaat om de iCat van Philips en Nao van Aldebaran. Deze robots worden ontwikkeld in het kader van onderzoek naar de interactie tussen computers en kinderen.
Beide projecten zijn succesvolle voorbeelden van onderzoek naar hoe robots een emotionele band kunnen ontwikkelen met jonge kinderen, volgens de Nederlandse hoogleraar Mark Neerinckx (TU Delft). Als robots een dergelijke band weten te creëren met kinderen kunnen ze bijvoorbeeld jonge kinderen helpen om niet te veel te eten of ze eraan herinneren dat ze op tijd hun medicijnen moeten innemen.
De inzichten die het onderzoek opleveren worden ook toegepast op consumentenproducten. Bij Philips was dit al het geval bij de electrische tandenborstel Sonicare for Kids.
Op YouTube zijn uiteraard filmpjes te vinden waarin je kunt kennis maken met de iCat en met Nao. Achtergrondinfo van de respectievelijke ontwikkelaars is te vinden op websites van Aldebaran (Nao) en Philips (iCat). Er is ook een community site voor onderzoekers rondom de iCat. Foto’s van de iCat zijn te vinden op de weblog van Christoph Bartneck.
In hetzelfde artikel van New York Times wordt als voorbeeld ook de mobiele telefoon Corby van Samsung genoemd. Die telefoon valt niet alleen op door aangepast design en kleurkeuze maar heeft ook ingebouwde links naar populaire sociale netwerksites als Facebook, Youtube en Twitter. Hier gaat het vooral om het PR verhaal wat mij betreft want een mobiele telefoon waar dit soort applicaties of links standaard inzitten is ook weer niet wereldschokkend. De link met Twitter is als je recent onderzoek mag geloven overigens niet zo logisch, Twitter blijkt helemaal niet zo populair bij jongeren.
Sep 02

Op de officiële Google blog een verhaal hoe het neefje van een Google medewerker zijn zelfgeschreven korte verhalen deelt met zijn Japanse grootouders. Als PR natuurlijk een prima verhaal dat wijst op nieuwe gratis functionaliteit in Google Docs.
Met Google Docs kun je documenten maken en bewerken met gratis online software. Meer dan een browser heb je niet nodig om verschilende soorten documenten te maken, bewerken, opslaan en delen. Google heeft onlangs de mogelijkheid toegevoegd de documenten die je daarmee maakt automatisch te vertalen van en naar 42 talen en dat was dus de reden voor Google er wat bekendheid mee te zoeken.
Het neefje en grootouders verhaal, verluchtigd met een heuse kindertekening maakt concreet wat dit soort nieuwe, gratis mogelijkheden kunnen gaan betekenen in internationale correspondentie. Misschien moet je een gegeven – of in ieder geval gratis – paard niet in de bek kijken maar wat mij betreft is het maar goed dat Edwin Mijnsbergen er voor ZB Digitaal nog eens goed naar gekeken heeft. Hij opent zijn post erover met de veelzeggende kop: Google vertaling: nog een lange weg te gaan. Zoals dat meestal gaat bij machinevertalingen lukt het Edwin gemakkelijk om met geestige voorbeelden te illustreren dat het nog niet helemaal werkt. Voor zeer gemotiveerde Japanse grootouders is alles misschien schattig maar of dit helpt de schrijftalenten van het Google neefje op waarde te kunnen schatten kun je betwijfelen. Uiteraard neemt dat allemaal niet weg ook ik met dit soort gratis vertaalmogelijkheden verder kom dan ik anders ooit zou komen met m’n kennis van het Bulgaars, Chinees, Fins, Japans, Tsjechisch en al die andere talen.
Let trouwens ook op de prachtige ‘alternatieve Toren van Babel’ illustratie bij de post van Edwin.
Omdat mensen nogal eens bij dit artikel komen via Google als ze webvertaler zoeken een paar directe verwijzingen naar webvertalers:
Oct 06
Regisseur van o.a. Willem Wever André Broertjes en programmamaker Oscar Siep zijn twee met name genoemde oprichters van Weet Wat Je Ziet, een organisatie (met WieWeetWatJeZiet.nl website) die zich ten doel stelt kinderen en jongeren mediawijzer te maken. De kern van WWJZ wordt gevormd door vijf bevriende programmamakers, die allemaal bij een omroep werken.
Media en de werkelijkheid
Het initiatief komt voort uit de verantwoordelijkheid die de oprichters voelen bij het maken van media en een aantal ethische vragen die daar uit voortkomen. Broertjes zegt op de site dat zijn initiatief een antwoord is op “een groeiend gevoel van onbehagen”. Mede-oprichter Oscar Siep: “Je probeert je werk eerlijk en integer te doen met gevoel voor ethiek. Maar toch, je bent ook steeds bezig een onderwerp op een interessante manier neer te zetten. Je gebruikt constant technieken en tactieken om de kijker te manipuleren. Om iets saais toch leuk te maken. Eigenlijk ben je constant bezig iets op te blazen, iets groter maken dan het is. Dat is wat jongeren moeten weten. Want tv is het venster op de wereld, maar de echte wereld zie je er niet.”
WWJZ wil dat kinderen en jongeren mediawijzer worden, zodat ze de beelden en boodschappen van de alomtegenwoordige media naar waarde kunnen schatten. Continue reading »
Sep 11
Op ouderavonden over kinderen & internet die ik soms verzorg namens Stichting Mijn Kind Online blijkt altijd weer dat er ongerustheid en verwarring is bij ouders rondom het onderwerp kinderen en reclame. Daarom nog even een paar dingen kort op een rij. Verder verwijs ik graag naar het uitgebreide dossier dat Mijn Kind Online samenstelde en dat online te lezen is (en te downloaden en printen).
Kunnen kinderen reclame herkennen?
Je hoort vaak dat ouders denken – of hebben horen zeggen – dat kinderen van tegenwoordig zo handig zijn met internet en media dat ze heel goed doorhebben wat reclame is en wat niet; dat ze zich dus niet zomaar laten misleiden. Amerikaans onderzoek van usability expert Jakob Nielsen (Nielsen Norman Group) toont het tegendeel aan. Dat is ook wat de Mijn Kind Online in de praktijk ervaart. Om meer te weten te komen wordt nu door MKO gedegen onderzoek uitgevoerd.
In het algemeen verwarren volwassenen vaak vaardigheid met inzicht. Kinderen kunnen van alles op internet dat wij ‘grote mensen’ niet kunnen maar inzicht in hoe dingen echt werken, de achtergronden, is heel beperkt. Continue reading »